Goliath

April en mei vormen zonder veel twijfel zowat de mooiste periode om aan de waterkant en op het water door te brengen. Alles bruist van nieuw leven. Het is wel gesloten tijd voor de roofvisserij met aasvissen en kunstaas, maar het geoorloofd gebruik van de worm biedt mogelijkheden zat. Canadese dauwwormen en dendrobena wormen zijn een geliefd aas gebleken bij meervallen tijdens het voorjaar.


Het is midden mei wanneer ik me een weg baan door het reeds opgeschoten fluitekruid dat volop in bloei staat. De zweemzoete geur van vlierbloesem hangt in de lucht. De regenval van afgelopen dagen heeft de rivier aan het stromen gebracht. De kleur kan het best omschreven worden als capucino, koffie met een geut melk. De stroming is ondertussen alweer geminderd tot ongeveer 150 kuub en er is goed te vissen met de bellyboat. Sinds een jaar vis ik met de Floatmaster XL en ben er meer dan tevreden mee. In het begin was ik een beetje ontmoedigd door het extra gewicht in vergelijking met m’n lichtgewicht Outcast fat cat, maar het comfort maakt dit ruimschoots goed. Stevige opbergtassen, een degelijke zitting waar je zonder problemen een dag in doorbrengen kan, en niet onbelangrijk de veiligheid. Maar liefst vijf luchtkamers heeft deze luxe zetel. Na wat uitproberen en zoeken heb ik een manier gevonden om de hele uitrusting in een keer naar het water te dragen inclusief Float Plus systeem. De motor past in een van de tassen van de bellyboat die ondanks zijn gewicht comfortabel op de rug gedragen kan worden. In een hand het Floatplus koffertje en in de andere hand hengel(s) en zwemvliezen. Toch een mooie uitvinding die Floatplus, uiterst compact en licht. Deze is het afgelopen jaar dan ook geen enkele keer thuis gebleven.

De buitentemperatuur zit terug in de lift en zo ook de watertemperatuur. Elke ervaren visser weet dat dit gunstige omstandigheden vormen. De watertemperatuur heeft 17 graden bereikt en de paai komt zo snel in de buurt. De Lowrance fishfinder vertelt me ook dat er veel leven is in de bovenste waterlaag. De vispopulatie is goed in beweging. Iets wat een maat van me die een stuwstuk hogerop vist ook gemerkt heeft. We houden mekaar wat op de hoogte van onze ervaringen.
Na het eerste half uur verlies ik een dobber uit het oog. Ondanks dat ik de lijn goed strak gedraaid kreeg mis ik de aanbeet vakkundig. De vis lost binnen de twee seconden. Altijd jammer een vis missen. Snel gaan er een paar verse dauwpieren aan de owner Gorilla light en wordt de montage terug te water gelaten.  En dan gaan er uren voorbij. Enkele berichten naar m’n maatje maken me duidelijk dat de meervallen toch minder hongerig zijn dan we aanvankelijk verwacht hadden.
Rond het middaguur zie ik plots een meerval naast me verschijnen in de oppervlakte. Op slechts vijf meter afstand zie ik een reeks luchtbellen verschijnen gevolgd door een machtig vissenlichaam lichtrozig gemarmerd. In slow motion komt er even een bak van een meerval langs me draaien en toont me haar lengte in alle glorie. Twee meter los erover dat is duidelijk. De meerval dobber montage die op drie meter diepte ingesteld stond wordt heel langzaam binnen gehaald. Het stuitje wordt verschoven zodat het aas op ongeveer een metertje diep komt te hangen. Stilletjes neem ik afstand van de plek waar deze kolos bovenkwam. Met de stroming laat ik mijn montage meedrijven tot die terug in de buurt komt. Een beetje lijn geven en nemen en proberen de aandacht te wekken. Een kwartiertje later voel ik een lichte weerstand. Het lijkt alsof het aas even vastgegrepen wordt maar even voorzichtig wordt het alweer losgelaten. Was het de grote vis die ik net zag en is m’n kans nu verkeken?  Mijn hart werkt nu toch wel sneller en ik krijg de krop in de keel. Bijzonder spannend is het. Mijn gevoel zegt me dat de vis onraad geroken heeft. De enige manier om de vis nog te foppen is een totaal verschillende montage presenteren…
Met een stuk onderlijnmateriaal monteer ik een stuitje onder het loodgewicht zodat ik dit kan verplaatsen richting dobber en een lange onderlijn verkrijg van ongeveer anderhalve meter. Het lood staat nu vlak tegen de dobber. Bedoeling is het aas te laten meevoeren met de stroming. Door het tegen te houden komt het aas naar de oppervlakte. Bij het vieren van de lijn dwarrelt het aas dan aantrekkelijk naar beneden. Spelletje geven en nemen. Een half uurtje gaat voorbij terwijl ik in de buurt blijft van de plek waar ik de gigant zag draaien.

En dan wordt plots de lijn in m’n hand lichtjes tegengehouden. Heel voorzichtig verdwijnt de dobber onder het oppervlakte. Mn hartslag gaat als een gek tekeer en de adrenaline stroomt. Met een stevige bons in de keel draai ik de lijn strak tot ik de top voel krom trekken en zet stevig de haak waarbij ik zo lang mogelijk de hengel diep gebogen probeer te houden, vooraleer lijn te winnen. Cruciaal moment maar de Owner Gorilla light zit deze keer wel goed. Al snel heb ik door dat dit de vis is die ik aan de oppervlakte zag. De reus gaat als een gek tekeer en wil zich duidelijk ontdoen van haak en lijn. Ze neemt meters lijn richting vaargeul en sleurt me toch een eindje mee in m’n drijvende zetel. Na een kwartier ongeveer zie ik ze voor het eerst aan de oppervlakte. Massief, zwaar en lang. Als ik denk dat de vis klaar is om geland te worden, vertrekt ze weer en rost weer meters lijn van de reel. Dit zo een keer of vijf. Het voelt als een hele strijd en ik begin dan ook duchtig te zweten in het waadpak van Roven.nl. Een haakje van de tandem rig zit gelukkig muurvast in de bovenkaak van de vis, want de dril gaat er stevig aan toe. Het tikje op de kop van de vis geeft de gekende schrikreactie. Wanneer ik de vis de eerste keer in de enorme onderkaak grijp draait de vis zich en lukt het me niet deze vast te houden. Ben ervan er van overtuigd deze me gewoon uit de stoel trok wanneer ik niet losgelaten had. Een reden waarom je dan ook best niet zonder reddingsvest aan dergelijke missie begint.

Bij poging drie of vier lukt het uiteindelijk deze kolos stevig in de bek vast te houden. De stenen oever loopt te snel af richting diepte en ik neem het risico niet om onderuit te gaan op de stenen. De vis over de stenen trekken vind ik al helemaal geen optie. Een vis van dergelijk formaat verdient het om een beetje met zorg en respect behandeld te worden.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Met mijn laatste energie die ik nog over heb probeer ik deze Goliath op de schoot te tillen. Ondertussen maakt de camera om de paar seconden een foto.  Loodzwaar voelt deze aan en  het lukt me niet lang om het zware vissenlijf omhoog te tillen. Uitgeput maar meer dan voldaan laat ik de reus terug het water inglijden. Bellyboat en waadpak hangen goed vol slijm en een beestachtige geur. Mucus!
Wanneer ik later de oever op ga om te bekomen lijkt het net of mijn waadpak lek is. Maar het blijkt zweet te zijn van de uitputtingsstrijd. Zalig nagenietend vlij ik mezelf in het hoge gras en laat me opdrogen in het lentezonnetje. Mooier dan dit wordt het volgens mij niet.
Ik vis nog een aantal uren verder maar de goden hebben beslist dat het meer dan goed geweest is voor mij vandaag. Ondertussen drijf ik nog steeds op m’n wolk…

Tot de volgende
Jo Mebis