E-mail
Wachtwoord

 

Account aanmaken



Verticalen, kanticalen en diagonalen

zaterdag 22 december 2007

kanticalen, verticalen en diagonalen;
Het zijn allemaal benamingen voor dezelfde manier van vissen maar dan vanaf verschillende plaatsen met kleine variaties. Vanaf de kant of vanuit een boot een shadje vlak boven de bodem of tegen de bodem aan op en neer tikken.

Veel mensen weten het al, baars en snoekbaars zijn door middel van shadjes dicht bij de bodem aangeboden, goed te vangen. Dat is dan ook de reden dat het verticalen zo enorm populair is geworden onder de snoekbaars vissers. Het verticalen vanuit een boot is al heel erg populair omdat op deze manier snel en effectief de hotspots afgevist kunnen worden en er grote hoeveelheden vis te vangen zijn maar is het echt zo gemakkelijk en wat als je geen boot hebt? In het volgende artikel wil ik hier eens wat verder en dieper op in gaan.

De uitrusting
Bij de uitrusting hoort natuurlijk weer een hengel maar die moet wel aan een paar eisen voldoen;
Er zijn in middels al vele speciale vertikaal hengels in de handel. Maar een niet te al lange spinhengel met een niet al te soepele of harde top doet het ook heel best. Het zetten van de haak gebeurt veelal op een harde manier. Dat mag ook wel want voornamelijk snoekbaars kan op een enorm subtiele manier aanbijten en als het ware de prooi aftasten. Slaan we dan niet meteen aan is de kans groot dat de shad al weer is uitgespuugd door de snoekbaars. De opname van het aas door de snoekbaars gebeurd vaak doordat de snoekbaars als het waren een vacuüm zuigt en zo de shad naar binnen zuigt. Een staartdreg is dan ook zeker een aanrader in deze. Door de staartdreg op de rug te bevestigen lopen we ook minder kans op vuil en vastlopers.

Het shadje mag tussen de 10 en 15 centimeter lang zijn en het liefste niet al te soepel zodat de shad in de ruststand niet slap en onnatuurlijk bij komt te hangen. Het liefst smalle en langwerpige shads die weinig tot geen staartbewegingen uit zichzelf maken. Experimenteren is hier absoluut de sleutel tot succes. De juiste kleur, grootte en gewicht op het juiste moment vinden is daarbij het doel. Heb je de juiste combinatie gevonden dan kun je absoluut de visdag van je leven beleven. Ervaring leert dat natuurlijke kleuren vaak de beste resultaten opleveren al kan in troebel water een wat fellere kleur juist de aandacht trekken.

Onder de wat mindere weersomstandigheden is een wat feller gekleurde lijn vooral praktisch om te zien dat de shad de bodem heeft bereikt en de lijn slap valt. Zelf vis ik echter hoofdzakelijk met een ronde gevlochten lijn van 10/00 en eventueel een onderlijn van een nagenoeg onzichtbaar fluor carbon.

Verticalen / kanticalen
Bij het verticalen en kanticalen (verticalen vanaf de kant) wordt er als volgt gevist. Laat je shadje naar de bodem zakken, het mag best met een plof neerkomen om de nieuwsgierigheid van de in de buurt liggende rovers op te wekken, door de beugel van de molen open te zetten en het shadje in vrije val los te laten. Het shadje heeft de bodem bereikt als de lijn slap valt. Sluit nu de beugel van je molen en draai de lijn strak. Vervolgens til je het shadje zo’n 5 tot 10 centimeter van de bodem laat het daar enkele tellen zweven om het vervolgens LANGZAAM weer naar de bodem te laten zakken. Tijdens het zakken beweeg je de hengel iets naar opzij, voren of achteren zodat de shad in een schuine en natuurlijke beweging naar de bodem ‘zwemt’. Als de shad de bodem heeft bereikt deze direct weer 5 tot 10 centimeter op tillen en het hele spel begint weer van voren af aan. Denk er in de winter om de bodem zo grondig af te tasten want snoekbaars is in de winter een echte scholenvis. De aanbeet is overigens veelal in de rustpauze tussen het optikken en langzaam laten dalen van de shad. Denk er echter wel bij dat je niet een echte klassieke beginnersfout maakt door wild de shad van de bodem te rukken en daarna een vrije val te laten maken. Een roofvis ziet het shadje dan heus wel maar krijgt de tijd niet het te pakken. Ook het constant op de zelfde plaats vissen en geen ‘glij’ beweging aan je shadje mee te geven is een veel geziene beginnersfout. Het schuin naar beneden zwemmen van een shadje geeft gewoonweg een meer natuurgetrouw uiterlijk aan een stuk rubber waardoor de rovers zich wat gemakkelijker achter de schubben laten pakken. Het voordeel van dit ‘zwemmen’ is dat de bodem structuur ook wat gemakkelijker in beeld gebracht wordt en een kuil of richel sneller gevonden wordt. En dit zijn nou juist de plekken waar de roofvissen zich vaak het liefste ophouden.

Diagonalen
Bij het diagonalen gaan we hetzelfde te werk als bij het verticalen. Hier werpen we de shad echter een stukje uit. Ik doe dit hoofdzakelijk op de rivieren of op plassen waar de dieper gelegen gedeelten verder uit de kant liggen. Ook hier wacht ik tot het shadje op de grond is aangekomen voor ik de beugel sluit en de lijn strak draai. Nu tik ik het shadje van de grond af met tikken van een centimeter of 20 en terwijl ik de lijn strak hou laat ik deze weer rustig naar de grond ‘zwemmen’. Verder weg gevist aas kun je nu niet meer in ruststand laten zweven dus varieer een beetje met de heftigheid van de tikken, en de pauzes tussen de tikken door, waarmee je het shadje binnen vist. Het laatste stuk van een meter of 5 vis ik aan één stuk door om vastzitters te voorkomen als ik bijvoorbeeld op rivier kribben of in de buurt van steenstort aan het vissen ben. Zo werk ik in een waaiervorm van 40 meter om me heen en ga dan op zoek naar een volgende stek. Denk er hierbij om dat je zowel tegen de stroom in als met de stroom mee probeert te vissen. Wat mij verrast is dat je nooit uitgeleerd bent en altijd wel iets nieuws ontdekt of leert.

Aanbeten
De aanbeten van de snoekbaars op een shadje zijn vaak snoeihard. De dril daarentegen valt vaak vies tegen. Na drie keer spartelen ligt de snoekbaars op de rug en laat zich bijna kinderlijk eenvoudig landen. Waarom dan toch die agressieve aanbeten? Volgens sommigen is het om de maaltijd naar binnen te werken maar volgens mij is het uit pure agressie. Niet dat een snoekbaars niet eet om de maag te vullen maar gewoon omdat zo’n dansend stuk rubber maar beter eerst gedood kan worden voordat je het inspecteert (denk ik zo). Degene die met dood aas gevist hebben weten dat de aanbeten dan veelal subtieler zijn. Deze glasogen zien dus kennelijk toch het verschil tussen een dood visje en een imitatie van rubber. Geur stoffen worden dan ook meer en meer toegepast om de snoekbaars uit te dagen toch maar vooral een aanval te wagen. Andere keren voel je de vis helemaal niet aanbijten maar is het net of je vastloopt. Wat ook gebeurt, is dat het shadje onverwacht vroeg de bodem lijkt te hebben bereikt. Je hebt het shadje zo’n 20 centimeter opgetild, maar na amper tien centimeter zakken, valt de lijn al slap. Ook in dat geval dien je aan te slaan, want dan is de kans groot dat een snoekbaars het shadje heeft opgevangen. Het verticalen is alleen mogelijk met rekloze lijnen, zoals gevlochten lijnen. Nylon bezit simpelweg te veel rek. Daarmee is het moeilijk om te voelen of het shadje de bodem heeft bereikt en komen alleen heftige aanbeten goed door. Je biedt de shad immers vlak boven de bodem aan, waardoor een snoekbaars de shad vooral zijdelings verplaatst (en niet naar beneden trekt). Als de snoekbaar zo het shadje grijpt is aan een nylon lijn amper iets te voelen.

Als aan al deze zaken gedacht wordt, en je kunt nog steeds genieten van het vissen, wens ik je namens het hele Roven.nl team een goede vangst toe.

Arnoud de Jong

Hoofdsponsoren:
Onze visboot!
Onze 10pk motor!
Beslist.nl
Gokken op vis gokkast


Get the Flash Player to see this player.